Horizontale en verticale verstoring van de arbeidsrelatie met het UWV

Je staat er misschien niet altijd bij stil, maar ook het UWV is een werkgever en kan in die hoedanigheid te maken krijgen met ontslag van een werknemer.

In een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland van 11 september 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:12033) heeft de kantonrechter Haarlem de arbeidsovereenkomst met een medewerker van het UWV ontbonden vanwege een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsrelatie.

De werknemer in kwestie werkte in een klein team met 4 andere collega’s. De teamleden moeten in onderling overleg de binnenkomende zaken (faillissementen) verdelen. Die verdeling loopt niet (altijd) soepel. Zo is op enig moment de werknemer van mening dat een collega van hem een zaak moet oppakken. Als die collega dat weigert, dan vliegt de ‘vlam in de plan’. Zo reageert de werknemer heftig tegen zijn collega via een bericht en die berichten worden door de werknemer aan de andere collega’s in het team gestuurd. In een daaropvolgend teamoverleg wordt duidelijk dat de situatie in het team niet als veilig wordt ervaren en wordt naar boven opgeschaald binnen het UWV.  Er wordt ook team mediation ingezet. De collega-teamleden willen echter niet meewerken aan deze mediation, nadat zij een intake bij de mediator hebben gehad.

De werknemer meldt zich ziek en er volgen nog meer gesprekken; soms met een ‘luisterend oor’ (lees: vertrouwenspersoon) erbij. Duidelijk is dat werknemer volhardt in zijn wens zijn eigen functie te verrichten en niet in een andere functie binnen het UWV wil werken.

In het kader van de lopende ziekmelding oordeelt het UWV over de re-integratie inspanningen (van het UWV…) in deze kwestie. De uitkomst van dat deskundigenoordeel is dat het UWV onvoldoende aan re-integratie heeft gedaan. Kort gezegd, omdat niet is gekeken naar andere functies voor de betrokken werknemer binnen het UWV.

Uiteindelijk oordeelt de bedrijfsarts dat de werknemer zijn eigen werk weer kan doen, mits het vertrouwen weer is hersteld. Daar zit het probleem. Dat vertrouwen is niet hersteld (en dat zal ook niet meer lukken). Zodoende zit er voor het UWV niets anders op dan een ontbindingsverzoek in te dienen bij de kantonrechter. Dat verzoek wordt toegewezen.

De kantonrechter oordeelt dat het UWV voldoende heeft gedaan om de duurzame verstoorde arbeidsrelatie op te lossen, maar dat dit gewoonweg niet is gelukt en de mogelijkheden om tot een oplossing te komen zijn uitgeput. Herplaatsing ligt ook niet in de reden vanwege de zowel horizontale als verticale verstoring. De door werknemer gevorderde billijke vergoeding van bijna € 683.000 wordt afgewezen. Het UWV heeft keurig gehandeld en de lat van ernstige verwijtbaarheid wordt niet gehaald…

Scroll naar boven